26-02-2026


Els van der Ven - Logopedist
Veel veranderingen in tandstand of kaakontwikkeling ontstaan niet plotseling, maar geleidelijk. Ze worden beïnvloed door dagelijkse functies zoals:
ademen
slikken
kauwen
spreken
de rusthouding van de mond
Daarnaast kunnen ook (ongezonde) gewoontes invloed hebben op de ontwikkeling, zoals:
langdurig speen- of duimzuigen
nagelbijten
klemmen of knarsen van de tanden
Wanneer functies of gewoontes uit balans raken, kan dat zichtbaar worden in de groei van het gebit, de kaken en het gezicht.
In deze blog leggen we uit wat mondademhaling en mondgewoonten betekenen — en wat je als ouder nu al kunt doen.
Neusademhaling is de natuurlijke manier van ademen. De neus:
filtert en verwarmt de lucht
bevochtigt de ingeademde lucht
ondersteunt efficiënte zuurstofopname
helpt bij een gezonde tongpositie
stimuleert een gesloten mondhouding
Wanneer een kind regelmatig of structureel door de mond ademt, verandert dit evenwicht.
Bij mondademhaling:
zakt de tong vaak naar de bodem van de mond
blijven de lippen vaker open
verandert de spierbalans in lippen en wangen
mist de bovenkaak de natuurlijke tegendruk van de tong
Op de lange termijn kan dit invloed hebben op:
een smallere bovenkaak
meer kans op een open beet
veranderde gezichtsgroei
een naar voren geplaatste hoofdhouding
Dit proces verloopt geleidelijk en is vaak niet direct zichtbaar.
Neusademhaling speelt ook een belangrijke rol in de slaapkwaliteit.
Wanneer een kind door de neus ademt:
verloopt de ademhaling stabieler
wordt zuurstof efficiënter opgenomen
blijft de tong hoger in de mond
is de kans groter op diepere, herstellende slaap
Bij mondademhaling kan de ademhaling onrustiger zijn. Sommige kinderen bereiken minder gemakkelijk de diepe slaapfasen of worden vaker kort wakker.
Dat kan leiden tot:
minder uitgeruste nachten
vermoeidheid overdag
moeite met concentratie
prikkelbaarheid
Mondademhaling is niet automatisch de enige oorzaak van slaapproblemen, maar kan wel een belangrijke factor zijn.
Let bijvoorbeeld op:
open mond in rust
droge of gebarsten lippen
snurken
onrustige slaap
vaak verkouden
vermoeidheid overdag
concentratieproblemen
Sommige kinderen ademen vooral ’s nachts door de mond, waardoor het minder snel wordt opgemerkt.
Zuigen is in de eerste levensmaanden een essentiële reflex. Het is cruciaal voor:
voeding
troost
regulatie
ontwikkeling van kaak- en mondspieren
De zuigbehoefte is het sterkst in de eerste 6 tot 9 maanden. In deze periode is zuigen normaal en functioneel.
Na ongeveer negen maanden verandert de ontwikkeling.
Baby’s en dreumesen krijgen steeds meer vaste voeding. Het slikken ontwikkelt zich van een voorwaartse zuigbeweging naar een meer opwaartse, volwassen slikbeweging. De mondmotoriek wordt complexer.
Vanaf dat moment krijgt een speen of duim vaker een troostfunctie. Wanneer speengebruik of duimzuigen langer aanhoudt dan ongeveer één jaar, kan de oorspronkelijke zuigbehoefte overgaan in een zuiggewoonte.
En gewoontes zijn lastiger af te leren dan reflexmatige behoeften.
Wanneer duimzuigen of speengebruik aanhoudt in peuter- of kleuterleeftijd, kan dit invloed hebben op:
de stand van de voortanden
de vorm van de bovenkaak
lipsluiting
tongpositie
slikontwikkeling
Het effect hangt af van:
de duur
de intensiteit
hoe vaak het gebeurt
Niet elk kind ontwikkelt problemen, maar langdurig en intensief zuigen vergroot de kans op veranderingen in tand- en kaakstand.


In het eerste levensjaar is een infantiel slikpatroon normaal. Baby’s slikken dan met een voorwaartse beweging waarbij de tong tegen of tussen de kaken kan drukken. Naarmate een kind groeit en meer vaste voeding krijgt, ontwikkelt dit zich naar een meer opwaarts en volwassen slikpatroon.
Bij sommige kinderen blijft de tong tijdens het slikken tegen of tussen de tanden drukken. Dit noemen we tongpers.
Tongpers kan invloed hebben op:
de tandstand
de stand van de kaken
de vorm van het gehemelte
de stabiliteit van orthodontische behandelingen
de spraak (bijvoorbeeld slissen of lispelen doordat de tong tussen de tanden komt tijdens het spreken)
Het is geen bewuste keuze, maar een aangeleerd bewegingspatroon. Zonder begeleiding verandert dit patroon meestal niet vanzelf.
Kleine aanpassingen kunnen helpend zijn — mits veilig en passend bij de leeftijd van je kind.
Stimuleer:
lippen zacht gesloten in rust
ademen door de neus
een ontspannen tongpositie
Maak er geen constante correctie van, maar een rustige bewustwording.
Rond het eerste levensjaar is het verstandig om speengebruik geleidelijk af te bouwen.
Beperk de speen bijvoorbeeld tot slaapmomenten en werk toe naar volledige afbouw.
Let op open mond, snurken of onrustige slaap.
Een kort filmpje kan helpen om samen met een professional te beoordelen wat er gebeurt.
Mondtape wordt soms gebruikt om neusademhaling tijdens slaap te stimuleren.
Belangrijk:
Alleen gebruiken wanneer de neus goed doorgankelijk is.
Niet bij verkoudheid, allergieën of vergrote amandelen.
Gebruik speciale, huidvriendelijke mondtape.
Overweeg dit alleen na overleg met een professional.
Mondtape is geen vervanging van onderzoek naar de oorzaak van mondademhaling.
Soms is advies voldoende. Soms is begeleiding via logopedie of OMFT helpend.
Hoe eerder een patroon wordt herkend, hoe eenvoudiger het vaak te beïnvloeden is.
Mondademhaling, zuiggewoonten en tongfunctie vormen samen een belangrijk, maar vaak onderschat onderdeel van de ontwikkeling van kinderen.
Door hier tijdig aandacht aan te besteden, kan ondersteuning worden geboden die aansluit bij de natuurlijke groei van het kind. Soms is advies voldoende. Soms is gerichte begeleiding nodig.
Het belangrijkste is dat signalen serieus worden genomen en dat ouders weten waar ze terechtkunnen met hun vragen.
Klik voor meer informatie over logopedie of aanmelden
Blijf op de hoogte van de ontwikkelingen bij Uniek Kind- en jeugdpraktijken.